neutraal logo zonder tekstEten. Het is een van de mijnenvelden van het moderne leven. De een verstouwt ponden vlees bij de barbecue, de ander besluit om helemaal niets meer de eten dat afkomstig is van een dier. Gewoon tarwebrood zit in het verdomhokje, aan de andere kant worden er meer pizza’s , wraps en taco’s dan ooit gegeten.


Het is allemaal een welvaartsverschijnsel, als je het mij vraagt. Het midden is een beetje zoek. En hier, beste lezer, betreden we pas echt een mijnenveld. Want waar ligt dat midden? Het hangt er natuurlijk maar van af wie je het vraagt.

Mijn antwoord luidt: eet alles, maar met mate.

En vooral plantaardig. Vlees is een lekkernij voor af en toe. Zelf maak ik graag een uitzondering voor gebakken pastei, Limburgs boterhammenvlees dat in deze streken niet verkrijgbaar is.
De reden dat ik dit punt hier aansnijd, is natuurlijk dat minder vlees (en zuivel) eten veel uitmaakt voor een beter klimaat. Met zijn tweeën 2 keer per week geen vlees eten, scheelt 320 kg CO2 per jaar. Dat is al meer dan je bespaart door ritjes in de nabije omgeving op de fiets af te leggen, in plaats van met de auto. Maar minderen werkt natuurlijk pas goed als genoeg mensen dat doen.

Minder vlees en zuivel maakt veel uit.

Nu was dat tot voor kort best veel gevraagd. Het valt namelijk niet mee om de hartige, ‘umami’-smaak van vlees te vervangen. Maar wat blijkt? Er zijn tegenwoordig verschillende vleesvervangers in de handel die akelig dicht in de buurt van vlees komen. Niet alleen qua voedingswaarde, ook qua smaak. De Consumentenbond heeft het in oktober uitgezocht, kijkt u maar even op het internet.
De smakelijkste vervangers zijn wel wat duurder, maar ik zou zeggen, probeert u ze eens uit. Wanneer u eens per week een nephamburger eet, en daarnaast een keer bonensoep met brood, maar zonder spek of worst, bent u goed bezig, klimatologisch gezien. Het kan natuurlijk dat u dit laatste niet als doel hebt. Bedenk dan: het is gezond.


Blogs