groen GROEN    

  

   wonen WONEN     

  

   werken WERKEN    

 

  en meer ..en MEER

Zaterdagmiddag. Goedgehumeurd loop ik het Utrechtse pand uit. Het regent en ik krijg er meteen de smoor in. Als ook nog de rits van mijn regenbroek hapert en mijn handschoenen weigeren aan mijn vingers plaats te nemen, gaat het helemaal bergafwaarts met mijn humeur.

Eenmaal op de fiets naar IJsselstein, haal ik een paar keer diep adem om de zure frons van mijn gezicht te halen. Ik moet denken aan mijn goede voornemen na de aanschaf van mijn elektrische fiets. Ik neem veel minder de auto, maar val daarmee ook ten prooi aan het Nederlandse klimaat. Ik zie dat ik niet de enige prooi ben, als ik met regelmaat door de regen fiets. Ik vraag me af of ‘zure regen’ op al die prooien niet béter van toepassing zou zijn. Mijn fietsspiegeltje heb ik verwijderd; ik wil niet continu geconfronteerd worden met zo’n zuur gezicht in de regen. Dus mijn voornemen was om ondanks de regen toch te blijven lachen. Of op zijn minst een glimlachje.


Goed doorademen en de mantra van mijn voornemen blijkt vandaag echter niet afdoende. Het roer moet drastischer om. Maar hoe? Ineens doemt een herinnering op aan 50 jaar geleden. Zure regen is dan nog geen begrip. Na de kerk stappen we de auto in. Mijn vader is in opperbeste stemming, omdat zijn zonden weer vergeven zijn. En dan… gaat hij toeteren en zwaaien. Naar iedere willekeurige voorbijgaande auto of fietser. Er klinkt in koor een afkeurend “Papáááá!” vanaf de achterbank, maar al gauw zwaaien we allemaal enthousiast mee.


Op het traject Utrecht-IJsselstein - geheel in de regen – komt er een steeds grotere big smile op mijn gezicht, want iedere willekeurige voorbijganger krijgt van mij een uitbundig “Góeiedág!!” en een opgestoken hand. Aangekomen in IJsselstein bekrachtig ik mijn teruggekeerde goede humeur nog even met een bosje gerbera’s. Hun zoete geur opsnuivend vraag me af: zouden die nou ook zo’n last hebben van regenzuur?


Blogs