Er valt een brief van de gemeente op de deurmat: ‘Verandering inzamelen huishoudelijk afval’. Manlief leest de eerste alinea’s van de drie kantjes tellende brief en roept: “Ik snap er niks van! Lees jij het maar.” Waarschijnlijk ben ik volgens hem na zoveel jaar zwerfafval opruimen de afvalexpert in huis…

Maar daarin vergist hij zich. Sinds ik weet dat een kassabonnetje niet bij het oud papier moet maar bij het restafval, twijfel ik aan ieder stuk dubieus afval dat ik in een kliko of plastic zak stop. Want, de pizzadoos? Die mag toch wel bij het oud papier? Fout! Nat en vuil karton: restafval. Dat geplastificeerde foldertje? Bij het plastic? Nee! Restafval! Kaaskorsten? Wat denkt u: restafval, plastic of GFT? Gebruikte papieren zakdoek? Kauwgomstrip? Chipszak? Potgrond? Grof snoeihout? Een eierdoos van grasvezel (nee, geen glasvezel…)? Mijn hemel! Moeilijker kunnen we het niet maken!

Bruikbare grondstoffen

Het liefst stopte ik alles in één kliko en zou ik tegen RMN willen zeggen: zoek het maar uit met mijn afval! Maar na een goede bestudering van de site waarnaar wordt verwezen in de lange brief, blijkt dat nascheiding (nog) geen optie is en we met voorscheiden een helpende hand bieden om afval niet langer als afval te zien, maar als bruikbare grondstoffen. Aangezien we met heel Nederland zo’n 8.500.000.000 kilo huishoudelijk afval produceren, levert dat toch een aardige omzet op, met hopelijk een positief effect op mijn te betalen gemeentelijke belastingen.

Uiteindelijk werd het lezen van de brief een avond studie en ben ik weer heel wat afvalwijzer, mede dankzij de afvalwegwijzer van RMN. Middels hun handige app, typ ik nu in: eierdoos van grasvezel. U mag raden in welke kliko deze terecht is gekomen.


KNIJ Inspiratiemails

Wil je onze inspiratiemails met nieuwtjes en tips ontvangen?
Schrijf je dan nu in:

Inschrijven Inspiratiemails

Blogs